Een afgrijselijke lynchpartij in Bangladesh. Op 18 december 2025 vond een tragisch en uiterst gewelddadig incident plaats in Bhaluka, in het district Mymensingh in Bangladesh, waar de 25-jarige hindoeïstische kledingarbeider Dipu Chandra Das door een grote menigte werd doodgeslagen en vervolgens in brand werd gestoken.

Volgens berichten in Indiase media werd Das buiten de kledingfabriek waar hij werkte aangevallen door een woedende menigte. Hij werd zwaar mishandeld, vastgebonden aan een boom en daarna levend of kort na zijn dood verbrand, terwijl omstanders het geweld filmden. Beelden en ooggetuigenverslagen verspreidden zich snel via sociale media en leidden tot grote woede in het naburige West-Bengalen en elders in India. In meerdere Indiase steden braken protesten uit, onder andere bij het Bengaalse consulaat in Kolkata.

Tegenstrijdige verklaringen en de beschuldiging van godslastering

Indiase media benadrukken dat er twijfel bestaat over de beschuldiging van godslastering die als aanleiding voor de lynchpartij werd genoemd. Onderzoekers hebben verklaard dat er geen direct bewijs is gevonden dat Dipu Chandra Das daadwerkelijk beledigende opmerkingen over de islam of de profeet Mohammed heeft gemaakt.

De Rapid Action Battalion (RAB), een speciale eenheid van de Bengaalse autoriteiten, gaf aan dat zowel buurtbewoners als collega’s geen concrete of verifieerbare verklaringen konden geven waaruit godslastering zou blijken. Sommige berichten suggereren dat het incident mogelijk begon als een arbeidsconflict op de werkvloer, dat escaleerde nadat geruchten en beschuldigingen zich razendsnel verspreidden en religieuze spanningen aanwakkerden.

Ondanks deze onduidelijkheden nam de menigte het recht in eigen hand. De brute mishandeling en het publiekelijk verbranden van het lichaam worden door velen gezien als een vorm van extreme volksjustitie, los van enig juridisch proces.

Reacties in India en Bangladesh

De moord leidde tot hevige reacties en protesten in India, met name in West-Bengalen. Demonstranten veroordeelden het geweld als barbaars en eisten gerechtigheid voor Dipu Chandra Das. Diverse Indiase media besteedden uitgebreid aandacht aan verklaringen van hindoestaanse organisaties en aan oproepen om religieuze minderheden in Bangladesh beter te beschermen.

In Bangladesh zelf hebben de autoriteiten meerdere verdachten gearresteerd en beloofd dat de daders zullen worden vervolgd. Tegelijkertijd uiten maatschappelijke organisaties en critici hun zorgen over de kwetsbare positie van religieuze minderheden, het misbruik van blasfemie-beschuldigingen en de snelheid waarmee geruchten kunnen uitmonden in dodelijk geweld.

Voor veel hindoes — in Bangladesh, India en in de diaspora — benadrukt de moord op Dipu Chandra Das de diepe angst voor onveiligheid, verlies van waardigheid en het ontbreken van gelijke rechtsbescherming. Historisch gezien heeft de hindoe-minderheid in Bangladesh vaker te maken gehad met discriminatie en geweld. Deze zaak wordt door activisten en gemeenschapsleiders gezien als opnieuw bewijs dat beschuldigingen van godslastering worden ingezet als wapen tegen kwetsbare minderheden.

Protesten en sociale-mediacampagnes, onder hashtags zoals #HindusAreNotSafeInBangladesh, weerspiegelen de groeiende bezorgdheid dat religieuze spanningen, vooral in tijden van politieke instabiliteit, gemakkelijk kunnen worden misbruikt.

Altijd al willen koken op een Chulha? Scoor nu je eigen Chulha op www.doekaan.nl

Internationale en regionale reacties

Indiase media berichtten ook over diplomatieke reacties. Het Indiase ministerie van Buitenlandse Zaken sprak zijn bezorgdheid uit over de veiligheid van minderheden in Bangladesh en verklaarde de situatie nauwlettend te volgen. Publieke figuren en commentatoren discussieerden ondertussen over de bredere gevolgen voor secularisme, mensenrechten en sociale cohesie in Zuid-Azië.


Waarom dit meer internationale aandacht verdient

Ondanks de ernst van deze moord en de brede verontwaardiging in de Indiase media en onder hindoegemeenschappen wereldwijd, is er in de Nederlandse media vrijwel geen aandacht aan besteed. In een land als Nederland, waar een grote en actieve hindoe-gemeenschap woont en bijdraagt aan de samenleving, is deze stilte opvallend en teleurstellend.

Ook op politiek niveau bleef het grotendeels stil. Slechts één Nederlandse politicus, Geert Wilders, heeft deze zaak gedeeld via zijn sociale media. Andere politieke partijen en leiders hebben zich tot nu toe niet publiekelijk uitgesproken over deze lynchpartij of over de zorgen van hindoes in Bangladesh en Pakistan.

Voor veel hindoes in de diaspora voelt dit gebrek aan media-aandacht en politieke betrokkenheid als een gemiste kans om religieus geweld buiten Europa serieus te erkennen — en om solidair te zijn met gemeenschappen die internationaal onder druk staan.

Share.
Mobiele versie afsluiten